Een Weerlegging van degenen die de innovaties verdelen in twee categoriën:

Discussion in 'Methodologie (manhadj).' started by bilal 5, Oct 23, 2009.

  1. bilal 5
    Offline

    bilal 5 Junior Member

    Joined:
    Sep 25, 2009
    Messages:
    42
    Likes Received:
    0
    Trophy Points:
    0
    Gender:
    Male
    Ratings Received:
    +0 / 0
    Sommigen zeggen, dat er de goede innovatie is en dat er de slechte innovatie is. [1] Zeg maar; "Een goede bid'ah (bid'ah hassanah) en een slechte bid'ah (bid'ah sayyi'ah)", maar onthou dit: de Boodschapper van Allaah heeft gezegd:



    "Voorwaar, iedere bid'ah is (een) afdwaling, en iedere afdwaling is in het Hellevuur."

    Zowel de goede als de slechte bid'ah, die zouden kunnen worden genoemd, vallen onder de universele "iedere", die de Boodschapper van Allaah heeft genoemd. Het is overgeleverd dat ibn Umar (radyallaahoe 'anhoe) heeft gezegd: "Iedere innovatie is (een) afdwaling, zelfs als mensen welke (innovatie) dan ook als goed beschouwen. [2]

    Wanneer iemand zegt dat het nu niet de tijd is om innovaties te verbieden, en dat het beter is om afgedwaalde groeperingen te bestrijden, dan heeft hij het mis - om een aantal redenen:

    1) Door innovaties niet te voorkomen, zullen deze niet alleen verspreiden, maar ook in aantal toenemen; verder, zullen vele Sunan (mv. van Sunnah) worden uitgeroeid [3]. Dit zal leiden tot een gevaarlijke verspreiding van dwaling en fouten, want, we dienen ons te herinneren, dat iedere innovatie (een) afdwaling is.

    2) Iedere Moslim is verantwoordelijk, om naar zijn vermogen, het slechte te voorkomen en te verbieden. Als iemand een slechte daad ziet gebeuren, dan dient hij dit te verbieden, hoe klein dat kwaad ook is in vergelijking met andere grotere kwaden die wijdverspreid zijn - zoals het communisme, vrijmetselarij, en alle andere valse (geloofs)overtuigingen. Evenzo, dient het bestaan van afgedwaalde groeperingen, de studenten van kennis er niet van te weerhouden, de mensen te herinneren aan het verbod op het ongehoorzaam zijn aan de ouders, liegen, rente, en alle andere slechte daden.

    3) Een gebrek aan kennis binnen de maatschappij, wat gepaard gaat met innovaties (binnen de religie), zorgt voor de vorming en verspreiding van afgedwaalde groeperingen. Maar de Metgezellen, die een maatschappij hadden gevormd, wat het tegengestelde was van de net genoemde (maatschappij), waren het verst uit de buurt van innovaties; voorwaar, zij vormden de zuiverste maatschappij, een die vrij was van de aanwezigheid van afgedwaalde groeperingen. [4]

    4) Vervolgens, stel dat we goed bekent zijn met de opvattingen van verschillende afgedwaalde groepen - wat dienen we dan te doen? Het antwoord is, natuurlijk, dat we hun dwaling dienen te verduidelijken, maar dat vereist van ons kennis, fiqh, en leiding. Verder, dient deze kennis correct en authentiek te zijn, omdat emoties en enthousiasme niet genoeg zijn, om de afgedwaalden en misleiden te weerleggen. Iemand die een begrip heeft van de Religie, is het best uitgerust, om de dwaling van de afgedwaalde groeperingen te verduidelijken, en hij is het beste in staat om de Moslims te verenigen op wat correct is, aangaande geloofsleer, fiqh, en gedrag.







    --------------------------------------------------------------------------------


    [1] Iemand zou deze uitspraak kunnen verdedigen, gebasseerd op wat 'Umar (radyallaahoe 'anhoe) had gezegd: "Gezegend is deze innovatie". Hij (radyallaahoe 'anhoe) zei dit in een overlevering, wat was verhaald door 'Abdur-Rahmaan ibn 'Abdul-Qaari, die zei,

    "Gedurende één van de nachten van de Ramadaan, ging ik met 'Umar ibn al-Khattaab naar de Moskee, waar (de) mensen waren verdeeld in groepen: mannen die alleen baden en andere mannen die in groepen baden, waarbij iedere groep bestond uit minder dan tien aanbidders. Toen 'Umar dat zag, zei hij, "Voorwaar, ik voel dat het beter zou zijn, als we al deze (mensen) zouden verzamelen achter één reciteur (i.e., één Imaam)." Hij werd toen vastberaden om dat te doen en verzamelde hen achter Ubay ibn Ka'ab. Abdur-Rahmaan zei vervolgens, "Toen ik erop uitging met hem op een andere nacht, [zagen we dat] de mensen achter één reciteur (i.e., één Imaam) baden, en 'Umar (radyallaahoe 'anhoe) zei: "Gezegend is deze innovatie (Bid'ah)..."

    Dat wat 'Umar (radyallaahoe 'anhoe) bedoelde met bid'ah (innovatie) is de taalkundige betekenis, wat, het nieuwe, betekende, dat wat hiervoor niet bekend was.

    Het volgende is de essentie van wat de auteur van Jaami' al-'Uloom Wa l-Hikam zei: Wanneer sommige van onze vrome voorgangers goedkeuring toonden voor sommige bid'ah (innovaties), dan was het van innovaties in de taalkundige zin en niet van innovaties in de godsdienstige betekenis (i.e., zoals dat is aangegeven binnen de Shari'ah). Een voorbeeld is wat 'Umar zei gedurende de late nachtgebeden van de Ramadaan (i.e. de Taraweeh gebeden): "Gezegend is deze innovatie". Wat hij bedoelde, was dat die specifieke daad daarvoor niet was gedaan op die specifieke manier; echter had het zijn oorsprong binnen de Shari'ah. Bijvoorbeeld, de Profeet riep de mensen op om te staan en de late nachtgebeden van de Ramadaan (i.e., de Taraweeh gebeden) te bidden. Zelfs gedurende de periode dat de Profeet leefde, stonden (de) mensen zowel in groepen als alleen, en de Profeet zelf, leidde zijn Metgezellen meerdere malen in het late nachtgebed van de Ramadaan. Het is waar, dat hij later weigerde om dat te doen, maar hij had uitgelegd waarom hij was gestopt: hij was bang dat het zou worden verplicht gesteld en dat zij niet in staat zouden zijn om (daaraan) te voldoen. Omdat het late nachtgebed alleen zou kunnen worden verplicht gesteld gedurende het leven van de Profeet , was er later - gedurende het Khalifaat van 'Umar - geen reden om bang te zijn voor datgene, waar de Profeet bang voor was. We dienen ons ook te herinneren, dat de Profeet ons beval om de Sunnah van de rechtgeleide Khaliefen te volgen [5], en het late nachtgebed in één groep werd een Sunnah van de rechtgeleide Khaliefen, want de mensen verzamelden op grond van deze Sunnah gedurende de periode van 'Umar, 'Uthmaan en 'Ali.

    Onze Shaykh, al-Albaani - moge Allaah hem genadig zijn - zei in Salaatal-Taraaweeh (p. 43), "Met 'Umar's uitspraak, 'Gezegend is deze Bid'ah (innovation)', wordt niet (de) bid'ah bedoeld, naar de betekenis ervan binnen de Shari'ah: het introduceren van een nieuwe zaak in de religie (i.e., wat er daarvoor niet was). Aangezien het bekent is, dat 'Umar niet iets nieuws introduceerde, maar echter meer dan één Sunnah deed herleven, weten we dat hij met bid'ah refereerde naar een van de taalkundige betekenissen: een nieuwe zaak, wat niet bekend was vòòr het bestaan ervan. Er is geen twijfel, dat het late nachtgebed van de Ramadaan (Taraweehgebed) achter één enkele Imaam niet bekend was, noch toegepast, gedurende het khalifaat van Abu Bakr en de helft van het khalifaat van 'Umar; het is in dat opzicht dan ook nieuw. Maar van het gezichtspunt, dat het in harmonie is met wat de Profeet heeft gedaan, is het een Sunnah, en geen bid'ah, wat de enige reden is, waarom het wordt beschreven als iets goeds. En dat is de uitleg geweest, die vele vooraanstaande geleerden hebben gegeven aangaande de uitspraak van 'Umar (radyallaahoe 'anhoe). 'Abdul-Wahhaab al-Subkee heeft, in Ishraaq al-Masaabeeh, gezegd dat Ibn 'Abdul-Barr heeft gezegd, 'Umar heeft dit niet vastgesteld als een Sunnah, om een andere reden dan dat de Boodschapper van Allaah het had vastgesteld alszijnde een Sunnah, hij ervan hield, er tevreden over was, en hij zich niet onthield van het continu uitvoeren daarvan om enig andere reden, dan zijn angst dat het verplicht zou worden gesteld voor zijn Natie. Hij was mededogend en barmhartig voor zijn natie. Toen 'Umar dat kwam te weten van de Boodschapper van Allaah - met zijn kennis dat er geen verplichte daden kunnen worden toegevoegd of weggehaald na de dood van de Profeet - deed hij de Sunnah van de Profeet , betreffende het late nachtgebed, herleven in het jaar 14 H, een zegening waarmee Allaah 'Umar had begunstigd, en een die Hij Abu Bakr niet had geïnspireerd om te doen, hoewel hij, over het algemeen, beter was en gebrander in het zich haasten naar het doen van goede daden dan 'Umar. Ieder van de twee had bepaalde voortreffelijkheden die specifiek waren voor diegene, en welke misschien afwezig zijn geweest in de ander."

    In zijn Fatwa, heeft de vooraanstaande geleerde ibn Hajr al-Haytamee gezegd, "Het verwijderen van de Joden en de Christenen van het Arabische Schiereiland en het vechten tegen de Turken....waren geen bid'ah praktijken, zelfs als deze niet waren gedaan gedurende zijn (de Profeet ) leven. En toen 'Umar zei, "Gezegend is deze innovatie", bedoelde hij bid'ah in de originele betekenis binnen de Arabische taal. Op dezelfde manier wordt bid'ah gebruikt naar zijn taalkundige betekenis in de volgende vers: "Ik ben niet iets nieuws (bid'an) onder de Boodschappers (van Allaah) (i.e., Ik ben niet de eerste Boodschapper)" [Qur'aan 46:9]. Beide voorgaande voorbeelden zijn bid'ah in de taalkundige zin, want bid'ah is, volgens de betekenis binnen de Shari'ah, afdwaling. Dus wanneer geleerden refereren naar de goede en slechte bid'ah, dan hebben zij bid'ah geclassificeerd naar de originele betekenis binnen de Arabische taal. En wanneer zij zeggen dat iedere bid'ah (een) afdwaling is, dan refereren zij naar, wat er binnen de Shari'ah wordt bedoeld met het woord bid'ah. Zie je niet, dat de Metgezellen en de Taabi'oen afstand deden van de oproep tot het gebed, wat werd gedaan voor andere gebeden, dan de vijf dagelijkse gebeden - bijvoorbeeld, de twee 'Eid gebeden, hoewel er geen verbod is aangaande deze praktijk. En zij hielden er niet van, wanneer de twee Shami'ain hoeken van de Ka'bah werden omhelsd na de Sa'y tussen Safaa en Marwaa...Eveneens, als de Profeet zich afhield van een daad om een reden, dan is het afhouden daarvan Sunnah, en is het doen (van deze daad) bid'ah. Toen we zeiden, 'om een reden', dat sluit, het verwijderen van de Joden en het verzamelen van de Qur'aan in één boek, buiten. Ook, de Profeet onthield zich van het verenigen van (de) mensen voor het Taraweehgebed om een reden, en toen deze reden niet langer van toepassing was, was het correct voor 'Umar om hen te verenigen voor het gebed..."

    [2] Deze overlevering heeft een authentieke keten, zoals is genoemd in Islaah al-Masaajid (p. 13), geschreven door onze Shaykh, Al-Albaani - Moge Allaah hem genadig zijn.

    [3] Lees daarvoor ook: Is het één Sunnah (Weg) of twee?, daarin staat o.a.:

    'En moge Allaah de vooraanstaande Taabi'i, Hassaan ibn 'Attiyyah Al-Muhaaribi, genadig zijn, hij zei, "Telkens wanneer een volk een innovatie in hun Religie hadden toegevoegd, verwijderde Allaah van hun Sunnah datgene, wat daaraan gelijk was. En (Hij) zal deze (Sunnah) dan niet teruggeven aan hen, tot de Dag der Opstanding."

    [Overgeleverd door Al-Daarimi met een authentieke keten, zoals onze Sheikh al-Albaani - moge Allaah hem genadig zijn - heeft gezegd in al-Mishkaat (188). En hij zei, "Het is ook overgeleverd van wat Abu Hurayrah heeft gezegd, wat was overgeleverd door Abu al-'Abbaas al-Asam in zijn hadith."]

    [4] Echter, er bestond in hun tijd wel afgoderij (shirk), ongeloof, en zondigheid. Maar, Allaah hielp de gelovigen naar de overwinning, door middel van zowel de speer en het zwaard, als de bewijsvoeringen en de onderbouwingen.

    [5] Zoals de Profeet zei in zijn vaarwel advies:

    ".... Jullie dienen dus mijn Sunnah te volgen en die van de rechtgeleide Khaliefen. Houdt het (i.e. daaraan) vast met jullie kiezen. ....."

    [Saheeh - Ibn Maajah (nr. 42)]

    Shaykh Husayn al-'Awaayishah
    (uit: The Farewell Advice of the Prophet)

Share This Page